Veiligheid en alarmsignalen thuis

Wat is het verschil tussen acute en chronische hypoxie en hoe meet je beide

Sophie van Dijk Sophie van Dijk
· · 8 min leestijd

Stel je voor: je vader zit rustig in zijn fauteuil, kijkt tv en lijkt helemaal prima.

Inhoudsopgave
  1. Wat is hypoxie eigenlijk?
  2. Acute hypoxie: plotseling en levensbedreigend
  3. Chronische hypoxie: de stille vijand
  4. De grootste verschillen in één oogopslag
  5. Wat kun je thuis doen?
  6. Veelgestelde vragen

Maar zijn zuurstof is al dagen lang te laag. Hij merkt er zelf niks van.

Geen kortademigheid, geen paniek. En juist dat maakt het zo gevaarlijk. Dat is chronische hypoxie in een notendop. Maar dan is er ook nog iets heel anders: iemand die plotseling stopt met goed ademen, bijvoorbeeld door een longembolie of een astma-aanval.

Dan gaat het om seconden tot minuten. Dat is acute hypoxie.

Twee werelden, totaal verschillende oorzaken, en bovenal: een compleet verschillende manier van signaleren en meten. In dit artikel leg ik uit wat precies het verschil is, waarom het voor thuiszorg zo belangrijk is om dit te begrijpen, en hoe je beide vormen kunt meten. Want als je of een naaste thuis extra goed in de gaten wilt houden, dan moet je weten waar je precies naar kijkt.

Wat is hypoxie eigenlijk?

Hypoxie betekent simpel gezegd dat er te weinig zuurstof in je weefsels zit. Niet in de lucht om je heen, maar écht in je cellen, waar het nodig is om te functioneren.

Je lichaam heeft voortdurend zuurstof nodig om energie te produceren. Als dat te kortschiet, beginnen organen te falen. Maar hoe snel dat gebeurt, hangt volledig af van het type hypoxie.

Zuurstof in je bloed wordt gemeten als een percentage saturatie. Dit noemen we de SpO2-waarde.

Een gezond persoon heeft een saturatie tussen de 95 en 100 procent. Zodat daalt onder de 94 procent, praten we over een verlaagde waarde. Onder de 90 procent is het al ernstig, en onder de 80 procent dreigen orgaanschade en bewusteloosheid.

Acute hypoxie: plotseling en levensbedreigend

Acute hypoxie komt plotseling aan. Binnen seconden tot minuten stijgt de zuurstoftekort.

Herken de signalen

Denk aan een longaandoening die plots verergert, een ernstige allergische reactie, verstikking, of een plotselinge hartstilstand.

Het lichaam reageert daarop hard en duidelijk. Bij acute hypoxie zie je meestal duidelijke symptomen. De persoon wordt snel benauwd, de lippen en vingernagels verblauwen, de hartslag schiet omhoog, en er kan verwarring of zelfs bewusteloosheid optreden.

Meten bij acute hypoxie

Het is een noodsituatie waarbij direct handelen nodig is. Bij acute hypoxie gebruik je een pulsoximeter om de SpO2-waarde snel te meten.

Een betrouwbare saturatiemeter, zoals de Oxypad van Care Delta, geeft binnen enkele seconden een waarde. Maar het verschil met chronische hypoxie is: bij een acute situatie wil je continue monitoring. Niet één meting en klaar, maar een apparaat dat constant waakt en alarm slaat als de waarde onder een bepaalde drempel daalt. Veel moderne saturatiemeters hebben een alarmfunctie.

Je stelt een drempel in, bijvoorbeeld 92 procent, en zodra de waarde daalt, krijg je een signaal.

Voor thuiszorg is dat goud waard, want het geeft mantelzorgers en familieleden de tijd om in te grijpen of hulp in te roepen.

Chronische hypoxie: de stille vijand

Chronische hypoxie is een heel ander verhaal. Hierbij daalt de zuurstof langzaam, weken, soms maanden.

Het lichaam past zich aan. Mensen worden langzaam minder fit, vermoeider, en denken dat ze gewoon ouder worden. Maar in werkelijkheid krijgen hun organen al die tijd te weinig zuurstof.

Dit komt veel voor bij mensen met COPD, ernstig overgewicht, of bepaalde hartaandoeningen. De drempel voor klachten is veel hoger geworden omdat het lichaam is "getraind" in een zuurstofarme situatie.

Waarom chronische hypoxie zo gevaarlijk is

Dat maakt het zo lastig te herkennen. Het probleem is dat chronische hypoxie vaak onopgemerkt blijft.

De persoon voelt zich "gewoon een beetje moe". De concentratie gaat achteruit, de nachtrust is slecht, en er is meer kortademigheid bij inspanning. Maar niemand denkt eraan om de saturatie te meten, want er is geen acute noodsituatie. Toch is de schade reëel.

Langdurig lage zuurstof verhoogt het risico op hartfalen, nierproblemen, en cognitieve achteruitgang. De hersenen zijn bijzonder gevoelig voor zuurstoftekort.

Al na vijf minuten zonder zuurstof kunnen hersencellen beginnen af te sterven. Bij chronische hypoxie gaat het niet om één snelle meting. Je wilt een beeld krijgen over tijd.

Meten bij chronische hypoxie

Daarom is het belangrijk om op vaste momenten te meten: 's ochtends, 's avonds, bij inspanning, en tijdens de nacht.

Een saturatiemeter met geheugenfunctie of een nachtelijke meting met alarm is hier ideaal voor. De Oxypad van Care Delta is hierop ontworpen. Het apparaat meet continu en slaat de data op, zodat je een overzicht krijgt van de saturatiepatronen over dagen of weken.

Dat geeft zowel de patiënt als de zorgverlener inzicht in wat er echt gebeurt.

Want een enkele meting van 93 procent zegt minder dan een trend die laat zien dat de waarde elke nacht onder de 88 procent daalt.

De grootste verschillen in één oogopslag

Acute hypoxie is plotseling, duidelijk zichtbaar, en vereist directe actie. Chronische hypoxie is sluipend, moeilijk te herkennen, en vereist langetermijnmonitoring.

Beide zijn gevaarlijk, maar op een totaal verschillende manier. De meetmethode verschilt daarom ook.

Bij acute situaties wil je een snelle, betrouwbare meting met alarm. Bij chronische situaties wil je trenddata over meerdere dagen. In beide gevallen is een kwalitatief goede pulsoximeter onmisbaar.

Wat kun je thuis doen?

Als je zorgt voor iemand met een long- of hartaandoening, of als je zelf extra alert wilt zijn op je gezondheid, dan is het investeren in een betrouwbare saturatiemeter een logische eerste stap.

Meet op vaste tijden, houd een logboek bij, en bespreek de resultaten met de huisarts of longarts. Let vooral op nachtelijke dalingen.

Tijdens de slaap daalt de ademhaling vanzelf, en bij mensen met onderliggende aandoeningen kan de saturatie dan flink zakken. Een nachtelijke meting met alarm kan daar het verschil maken tussen een geruste nacht en een risicovolle. Stille hypoxie herkennen hoeft geen raadsel te zijn. Met de juiste kennis en de juiste apparatuur kun je het verschil tussen acute en chronische zuurstofschade begrijpen, en daarmee beter in staat zijn om tijdig in te grijpen. Of het nu gaat om jezelf of iemand die je lief is.

Veelgestelde vragen

Hoe meet je hypoxie?

Hypoxie meet je voornamelijk met een pulsoximeter, een apparaat dat de zuurstofconcentratie in je bloed (SpO2-waarde) bepaalt. Een betrouwbare saturatiemeter, zoals de Oxypad, geeft binnen enkele seconden een waarde, maar bij een acute situatie is continue monitoring met een apparaat dat alarm slaat bij een daling onder een bepaalde drempel (bijvoorbeeld 92%) essentieel voor thuiszorg.

Wat is het verschil tussen acuut en chronisch hypoxemisch respiratoir falen?

Acuut hypoxemisch respiratoir falen is een plotselinge, levensbedreigende situatie, zoals bij een longembolie of astma-aanval, waarbij de zuurstoftekort snel toeneemt.

Wat is het verschil tussen hypoxemie en hypoxie?

Chronisch hypoxemisch respiratoir falen is een langdurig probleem dat zich geleidelijk ontwikkelt en een langdurige behandeling vereist, vaak door onderliggende aandoeningen. Hypoxemie verwijst naar een daadwerkelijke afname van de zuurstofconcentratie in de weefsels, terwijl hypoxie een bredere term is die een tekort aan zuurstof beschrijft, ongeacht of die daadwerkelijk gemeten is. Het is dus een verschil tussen de situatie en de meting ervan.

Wat zijn de drie tekenen van hypoxie?

Vroege tekenen van hypoxie kunnen rusteloosheid, een verhoogde hartslag (meer dan 100 slagen per minuut bij volwassenen) en een verhoogde ademhalingsfrequentie (meer dan 20 ademhalingen per minuut bij volwassenen) zijn. Kortademigheid is een subjectief symptoom dat kan optreden als gevolg van de zuurstoftekort. Artsen gebruiken verschillende methoden om hypoxie te controleren, waaronder pulsoximetrie, arteriële bloedgasanalyse om de zuurstofconcentratie in het bloed te meten, en beeldvormingstechnieken. Voor acute hypoxie wordt ook de PaO₂/FiO₂-ratio berekend, terwijl bij chronische gevallen longfunctietesten en nachtelijke oximetrie worden toegepast.

Hoe controleren artsen op hypoxie?


Sophie van Dijk
Sophie van Dijk
Gespecialiseerd verpleegkundige in de thuiszorg

Sophie is een ervaren verpleegkundige met expertise in zuurstofmeting en thuiszorg.

Meer over Veiligheid en alarmsignalen thuis

Bekijk alle 13 artikelen in deze categorie.

Naar categorie →
Lees volgende
Bij welke saturatiewaarde bel je in Nederland direct 112
Lees verder →